Display tenses in:
Display tenses in:
onvoltooid tegenwoordige tijdpresent
ik zuiver
jij/je zuivert
hij/zij/het/u zuivert
wij/we zuiveren
jullie zuiveren
zij/ze zuiveren
onvoltooid verleden tijdpast
ik zuiverde
jij/je zuiverde
hij/zij/het/u zuiverde
wij/we zuiverden
jullie zuiverden
zij/ze zuiverden
voltooid tegenwoordige tijdpresent perfect
ik heb gezuiverd
jij/je hebt gezuiverd
hij/zij/het/u heeft gezuiverd
wij/we hebben gezuiverd
jullie hebben gezuiverd
zij/ze hebben gezuiverd
voltooid verleden tijdpast perfect
ik had gezuiverd
jij/je had gezuiverd
hij/zij/het/u had gezuiverd
wij/we hadden gezuiverd
jullie hadden gezuiverd
zij/ze hadden gezuiverd
onvoltooid toekomende tijdfuture
ik zal zuiveren
jij/je zult zuiveren
hij/zij/het/u zal zuiveren
wij/we zullen zuiveren
jullie zullen zuiveren
zij/ze zullen zuiveren
voltooid toekomende tijdfuture perfect
ik zal hebben gezuiverd
jij/je zult hebben gezuiverd
hij/zij/het/u zal hebben gezuiverd
wij/we zullen hebben gezuiverd
jullie zullen hebben gezuiverd
zij/ze zullen hebben gezuiverd
onvoltooid verleden toekomende tijdconditional
ik zou zuiveren
jij/je zou zuiveren
hij/zij/het/u zou zuiveren
wij/we zouden zuiveren
jullie zouden zuiveren
zij/ze zouden zuiveren
voltooid verleden toekomende tijdconditional perfect
ik zou hebben gezuiverd
jij/je zou hebben gezuiverd
hij/zij/het/u zou hebben gezuiverd
wij/we zouden hebben gezuiverd
jullie zouden hebben gezuiverd
zij/ze zouden hebben gezuiverd
gebiedende wijs: zuiver
tegenwoordig deelwoord: zuiverend
voltooid deelwoord: gezuiverd
Onvoltooid tegenwoordige tijdPresent
Dit filter zuivert het water in het aquarium.
This filter purifies the water in the aquarium.
Onvoltooid verleden tijdPast
De fabriek zuiverde het afvalwater eerst.
The factory purified the wastewater first.
Voltooid tegenwoordige tijdPresent perfect
Wij hebben het regenwater met een filter gezuiverd.
We purified the rainwater with a filter.