Display tenses in:
Display tenses in:
onvoltooid tegenwoordige tijdpresent
ik waai
jij/je waait
hij/zij/het/u waait
wij/we waaien
jullie waaien
zij/ze waaien
onvoltooid verleden tijdpast
ik waaide/woei
jij/je waaide/woei
hij/zij/het/u waaide/woei
wij/we waaiden/woeien
jullie waaiden/woeien
zij/ze waaiden/woeien
voltooid tegenwoordige tijdpresent perfect
ik heb gewaaid
jij/je hebt gewaaid
hij/zij/het/u heeft gewaaid
wij/we hebben gewaaid
jullie hebben gewaaid
zij/ze hebben gewaaid
voltooid verleden tijdpast perfect
ik had gewaaid
jij/je had gewaaid
hij/zij/het/u had gewaaid
wij/we hadden gewaaid
jullie hadden gewaaid
zij/ze hadden gewaaid
onvoltooid toekomende tijdfuture
ik zal waaien
jij/je zult waaien
hij/zij/het/u zal waaien
wij/we zullen waaien
jullie zullen waaien
zij/ze zullen waaien
voltooid toekomende tijdfuture perfect
ik zal hebben gewaaid
jij/je zult hebben gewaaid
hij/zij/het/u zal hebben gewaaid
wij/we zullen hebben gewaaid
jullie zullen hebben gewaaid
zij/ze zullen hebben gewaaid
onvoltooid verleden toekomende tijdconditional
ik zou waaien
jij/je zou waaien
hij/zij/het/u zou waaien
wij/we zouden waaien
jullie zouden waaien
zij/ze zouden waaien
voltooid verleden toekomende tijdconditional perfect
ik zou hebben gewaaid
jij/je zou hebben gewaaid
hij/zij/het/u zou hebben gewaaid
wij/we zouden hebben gewaaid
jullie zouden hebben gewaaid
zij/ze zouden hebben gewaaid
gebiedende wijs: waai
tegenwoordig deelwoord: waaiend
voltooid deelwoord: gewaaid
Onvoltooid tegenwoordige tijdPresent
Het waait vandaag hard aan de kust.
The wind is blowing hard at the coast today.
Onvoltooid verleden tijdPast
Gisteren woei het te hard om te fietsen.
Yesterday it was too windy to cycle.
Voltooid tegenwoordige tijdPresent perfect
Het heeft de hele dag flink gewaaid.
It has been quite windy all day.
Voltooid verleden tijdPast perfect
Het had de hele nacht hard gewaaid.
It had been blowing hard all night.