Display tenses in:
Display tenses in:
onvoltooid tegenwoordige tijdpresent
ik contracteer
jij/je contracteert
hij/zij/het/u contracteert
wij/we contracteren
jullie contracteren
zij/ze contracteren
onvoltooid verleden tijdpast
ik contracteerde
jij/je contracteerde
hij/zij/het/u contracteerde
wij/we contracteerden
jullie contracteerden
zij/ze contracteerden
voltooid tegenwoordige tijdpresent perfect
ik heb gecontracteerd
jij/je hebt gecontracteerd
hij/zij/het/u heeft gecontracteerd
wij/we hebben gecontracteerd
jullie hebben gecontracteerd
zij/ze hebben gecontracteerd
voltooid verleden tijdpast perfect
ik had gecontracteerd
jij/je had gecontracteerd
hij/zij/het/u had gecontracteerd
wij/we hadden gecontracteerd
jullie hadden gecontracteerd
zij/ze hadden gecontracteerd
onvoltooid toekomende tijdfuture
ik zal contracteren
jij/je zult contracteren
hij/zij/het/u zal contracteren
wij/we zullen contracteren
jullie zullen contracteren
zij/ze zullen contracteren
voltooid toekomende tijdfuture perfect
ik zal hebben gecontracteerd
jij/je zult hebben gecontracteerd
hij/zij/het/u zal hebben gecontracteerd
wij/we zullen hebben gecontracteerd
jullie zullen hebben gecontracteerd
zij/ze zullen hebben gecontracteerd
onvoltooid verleden toekomende tijdconditional
ik zou contracteren
jij/je zou contracteren
hij/zij/het/u zou contracteren
wij/we zouden contracteren
jullie zouden contracteren
zij/ze zouden contracteren
voltooid verleden toekomende tijdconditional perfect
ik zou hebben gecontracteerd
jij/je zou hebben gecontracteerd
hij/zij/het/u zou hebben gecontracteerd
wij/we zouden hebben gecontracteerd
jullie zouden hebben gecontracteerd
zij/ze zouden hebben gecontracteerd
gebiedende wijs: contracteer
tegenwoordig deelwoord: contracterend
voltooid deelwoord: gecontracteerd
Onvoltooid tegenwoordige tijdPresent
Het bedrijf contracteert elk jaar nieuwe medewerkers.
The company hires new employees every year.
Onvoltooid verleden tijdPast
De club contracteerde vorige zomer twee spelers.
The club signed two players last summer.
Voltooid tegenwoordige tijdPresent perfect
Wij hebben een aannemer gecontracteerd voor de verbouwing.
We contracted a builder for the renovation.