Display tenses in:
Display tenses in:
onvoltooid tegenwoordige tijdpresent
ik houd bij
jij/je houdt bij
hij/zij/het/u houdt bij
wij/we houden bij
jullie houden bij
zij/ze houden bij
onvoltooid verleden tijdpast
ik hield bij
jij/je hield bij
hij/zij/het/u hield bij
wij/we hielden bij
jullie hielden bij
zij/ze hielden bij
voltooid tegenwoordige tijdpresent perfect
ik heb bijgehouden
jij/je hebt bijgehouden
hij/zij/het/u heeft bijgehouden
wij/we hebben bijgehouden
jullie hebben bijgehouden
zij/ze hebben bijgehouden
voltooid verleden tijdpast perfect
ik had bijgehouden
jij/je had bijgehouden
hij/zij/het/u had bijgehouden
wij/we hadden bijgehouden
jullie hadden bijgehouden
zij/ze hadden bijgehouden
onvoltooid toekomende tijdfuture
ik zal bijhouden
jij/je zult bijhouden
hij/zij/het/u zal bijhouden
wij/we zullen bijhouden
jullie zullen bijhouden
zij/ze zullen bijhouden
voltooid toekomende tijdfuture perfect
ik zal hebben bijgehouden
jij/je zult hebben bijgehouden
hij/zij/het/u zal hebben bijgehouden
wij/we zullen hebben bijgehouden
jullie zullen hebben bijgehouden
zij/ze zullen hebben bijgehouden
onvoltooid verleden toekomende tijdconditional
ik zou bijhouden
jij/je zou bijhouden
hij/zij/het/u zou bijhouden
wij/we zouden bijhouden
jullie zouden bijhouden
zij/ze zouden bijhouden
voltooid verleden toekomende tijdconditional perfect
ik zou hebben bijgehouden
jij/je zou hebben bijgehouden
hij/zij/het/u zou hebben bijgehouden
wij/we zouden hebben bijgehouden
jullie zouden hebben bijgehouden
zij/ze zouden hebben bijgehouden
gebiedende wijs: houd bij
tegenwoordig deelwoord: bijhoudend
voltooid deelwoord: bijgehouden
Onvoltooid tegenwoordige tijdPresent
Ik houd mijn uitgaven in een schriftje bij.
I keep track of my expenses in a notebook.
Onvoltooid verleden tijdPast
Zij hield de score tijdens het spel bij.
She kept the score during the game.
Voltooid tegenwoordige tijdPresent perfect
Hij heeft zijn blog jarenlang bijgehouden.
He maintained his blog for years.