Display tenses in:
Display tenses in:
onvoltooid tegenwoordige tijdpresent
ik betreur
jij/je betreurt
hij/zij/het/u betreurt
wij/we betreuren
jullie betreuren
zij/ze betreuren
onvoltooid verleden tijdpast
ik betreurde
jij/je betreurde
hij/zij/het/u betreurde
wij/we betreurden
jullie betreurden
zij/ze betreurden
voltooid tegenwoordige tijdpresent perfect
ik heb betreurd
jij/je hebt betreurd
hij/zij/het/u heeft betreurd
wij/we hebben betreurd
jullie hebben betreurd
zij/ze hebben betreurd
voltooid verleden tijdpast perfect
ik had betreurd
jij/je had betreurd
hij/zij/het/u had betreurd
wij/we hadden betreurd
jullie hadden betreurd
zij/ze hadden betreurd
onvoltooid toekomende tijdfuture
ik zal betreuren
jij/je zult betreuren
hij/zij/het/u zal betreuren
wij/we zullen betreuren
jullie zullen betreuren
zij/ze zullen betreuren
voltooid toekomende tijdfuture perfect
ik zal hebben betreurd
jij/je zult hebben betreurd
hij/zij/het/u zal hebben betreurd
wij/we zullen hebben betreurd
jullie zullen hebben betreurd
zij/ze zullen hebben betreurd
onvoltooid verleden toekomende tijdconditional
ik zou betreuren
jij/je zou betreuren
hij/zij/het/u zou betreuren
wij/we zouden betreuren
jullie zouden betreuren
zij/ze zouden betreuren
voltooid verleden toekomende tijdconditional perfect
ik zou hebben betreurd
jij/je zou hebben betreurd
hij/zij/het/u zou hebben betreurd
wij/we zouden hebben betreurd
jullie zouden hebben betreurd
zij/ze zouden hebben betreurd
gebiedende wijs: betreur
tegenwoordig deelwoord: betreurend
voltooid deelwoord: betreurd
Onvoltooid tegenwoordige tijdPresent
Ik betreur mijn snelle antwoord van gisteren.
I regret my quick answer from yesterday.
Onvoltooid verleden tijdPast
Hij betreurde zijn late beslissing.
He regretted his late decision.
Voltooid tegenwoordige tijdPresent perfect
Wij hebben die keuze nooit betreurd.
We have never regretted that choice.
Voltooid verleden tijdPast perfect
Hij had zijn beslissing later erg betreurd.
He had deeply regretted his decision later.