Display tenses in:
Display tenses in:
onvoltooid tegenwoordige tijdpresent
ik bekijk
jij/je bekijkt
hij/zij/het/u bekijkt
wij/we bekijken
jullie bekijken
zij/ze bekijken
onvoltooid verleden tijdpast
ik bekeek
jij/je bekeek
hij/zij/het/u bekeek
wij/we bekeken
jullie bekeken
zij/ze bekeken
voltooid tegenwoordige tijdpresent perfect
ik heb bekeken
jij/je hebt bekeken
hij/zij/het/u heeft bekeken
wij/we hebben bekeken
jullie hebben bekeken
zij/ze hebben bekeken
voltooid verleden tijdpast perfect
ik had bekeken
jij/je had bekeken
hij/zij/het/u had bekeken
wij/we hadden bekeken
jullie hadden bekeken
zij/ze hadden bekeken
onvoltooid toekomende tijdfuture
ik zal bekijken
jij/je zult bekijken
hij/zij/het/u zal bekijken
wij/we zullen bekijken
jullie zullen bekijken
zij/ze zullen bekijken
voltooid toekomende tijdfuture perfect
ik zal hebben bekeken
jij/je zult hebben bekeken
hij/zij/het/u zal hebben bekeken
wij/we zullen hebben bekeken
jullie zullen hebben bekeken
zij/ze zullen hebben bekeken
onvoltooid verleden toekomende tijdconditional
ik zou bekijken
jij/je zou bekijken
hij/zij/het/u zou bekijken
wij/we zouden bekijken
jullie zouden bekijken
zij/ze zouden bekijken
voltooid verleden toekomende tijdconditional perfect
ik zou hebben bekeken
jij/je zou hebben bekeken
hij/zij/het/u zou hebben bekeken
wij/we zouden hebben bekeken
jullie zouden hebben bekeken
zij/ze zouden hebben bekeken
gebiedende wijs: bekijk
tegenwoordig deelwoord: bekijkend
voltooid deelwoord: bekeken
Onvoltooid tegenwoordige tijdPresent
Wij bekijken samen de foto's van de vakantie.
We look at the holiday photos together.
Voltooid tegenwoordige tijdPresent perfect
Zij heeft de film gisteren al bekeken.
She already watched the film yesterday.
Gebiedende wijsImperative
Bekijk deze foto eens goed.
Take a good look at this photo.