Display tenses in:
Display tenses in:
onvoltooid tegenwoordige tijdpresent
ik neem aan
jij/je neemt aan
hij/zij/het/u neemt aan
wij/we nemen aan
jullie nemen aan
zij/ze nemen aan
onvoltooid verleden tijdpast
ik nam aan
jij/je nam aan
hij/zij/het/u nam aan
wij/we namen aan
jullie namen aan
zij/ze namen aan
voltooid tegenwoordige tijdpresent perfect
ik heb aangenomen
jij/je hebt aangenomen
hij/zij/het/u heeft aangenomen
wij/we hebben aangenomen
jullie hebben aangenomen
zij/ze hebben aangenomen
voltooid verleden tijdpast perfect
ik had aangenomen
jij/je had aangenomen
hij/zij/het/u had aangenomen
wij/we hadden aangenomen
jullie hadden aangenomen
zij/ze hadden aangenomen
onvoltooid toekomende tijdfuture
ik zal aannemen
jij/je zult aannemen
hij/zij/het/u zal aannemen
wij/we zullen aannemen
jullie zullen aannemen
zij/ze zullen aannemen
voltooid toekomende tijdfuture perfect
ik zal hebben aangenomen
jij/je zult hebben aangenomen
hij/zij/het/u zal hebben aangenomen
wij/we zullen hebben aangenomen
jullie zullen hebben aangenomen
zij/ze zullen hebben aangenomen
onvoltooid verleden toekomende tijdconditional
ik zou aannemen
jij/je zou aannemen
hij/zij/het/u zou aannemen
wij/we zouden aannemen
jullie zouden aannemen
zij/ze zouden aannemen
voltooid verleden toekomende tijdconditional perfect
ik zou hebben aangenomen
jij/je zou hebben aangenomen
hij/zij/het/u zou hebben aangenomen
wij/we zouden hebben aangenomen
jullie zouden hebben aangenomen
zij/ze zouden hebben aangenomen
gebiedende wijs: neem aan
tegenwoordig deelwoord: aannemend
voltooid deelwoord: aangenomen
Onvoltooid tegenwoordige tijdPresent
Ik neem het pakket voor de buren aan.
I accept the package for the neighbors.
Onvoltooid verleden tijdPast
Het bedrijf nam vorige maand drie nieuwe mensen aan.
The company hired three new people last month.
Voltooid tegenwoordige tijdPresent perfect
Zij heeft de baan meteen aangenomen.
She accepted the job right away.